5 manieren voor extra pensioenopbouw (ondernemers én werknemers)

5 manieren voor extra pensioenopbouw ondernemers en werknemers

Het lijkt nog zo ver weg…. Je pensioenleeftijd. Toch kun je er niet vroeg genoeg mee beginnen. In deze blog 5 manieren om (extra) pensioen op te bouwen, voor ondernemers én werknemers.

Deze blog begin ik met uitleg over het overheidspensioen, de AOW, vervolgens ga ik in op het bedrijfspensioen voor werknemers en als derde komen de ZZP’ers aan bod. Na de basisinfo leg ik uit welke 5 opties er zijn om (extra) pensioen op te bouwen.

Overheidspensioen: AOW-uitkering

Als inwoner van Nederland ben je sociaal verzekerd in Nederland. Dat betekent onder andere dat je AOW rechten opbouwt. Je hoeft hier niets voor te doen, in de zin dat je geen inkomen hoeft te hebben om die rechten op te bouwen. Zowel als ZZP’er (ondernemer) als werknemer én als uitkeringsgerechtigde bouw je recht op AOW op (zolang je in Nederland woont). Let op dat dit anders kan zijn als je in het buitenland (of voor een buitenlandse werkgever) werkt.

Opbouw 2% per jaar

Als vuistregel kun je aanhouden dat voor elk jaar tussen je 15e en 65e levensjaar dat je in Nederland woont, je 2% recht op de AOW-uitkering opbouwt. Als je 3 jaar in het buitenland hebt gewoond, krijg je uiteindelijk 94% van de AOW-uitkering. Als je je hele leven in Nederland hebt gewoond, 100%.

Je kunt meer over sociale zekerheid (en de risico’s voor ZZP’ers op dit gebied) lezen in deze blog.

Hoogte AOW-uitkering

Je bouwt rechten op een AOW-uitkering op, maar de AOW-uitkering is geen vaststaand bedrag. Op dit moment (2019) heb je als alleenstaande recht op ongeveer €1.150 netto per maand en als gehuwde/samenwonende op ongeveer €750 netto per persoon (totaal voor twee personen ongeveer €1.500 netto) per maand.

Dit bedrag kan tegen de tijd dat jij de pensioenleeftijd bereikt veranderd zijn. Dat is op dit moment een ‘hot topic’ aangezien de vergrijzing en ontgroening veel druk op ons AOW stelsel legt. Dit is ook één van de redenen dat de pensioenleeftijd stapsgewijs omhoog wordt gebracht. Sommige mensen zijn ervan overtuigd dat de AOW-uitkering over 10 of 20 jaar niet meer bestaat of in ieder geval vele malen lager is. Een extra reden om goed na te denken over jouw eigen pensioenvoorziening (ook al ben ik zelf niet zó somber gestemd over de AOW).

Werknemers: bedrijfspensioen

Als werknemer ben je in 99% van de gevallen verplicht deel te nemen aan het bedrijfspensioen. Dit houdt in dat je een bepaald percentage van je salaris afdraagt aan het verplichte pensioenfonds. Meestal draagt je werkgever ook bij aan jouw pensioen. Als je geluk hebt, betaalt je werkgever zelfs meer dan jij of alles. Vaak zie je dat een werknemer bijvoorbeeld 2% betaalt en de werkgever 4%.

Fiscale vrijstelling

Naast het feit dat ook iemand anders voor jouw pensioen betaalt, is een voordeel van het bedrijfspensioen dat je geen belasting betaalt over deze pensioenbijdragen. Dit geldt zowel voor jouw eigen deel als het deel van jouw werkgever. Daarnaast geldt dit ook voor het pensioenpotje zelf. Dit telt niet mee als vermogen voor belastingdoeleinden (je betaalt hierover geen box 3-belasting).

Op het moment dat je de pensioenleeftijd bereikt en je pensioenuitkeringen krijgt, betaal je hierover wel inkomstenbelasting in box 1. Aangezien je meestal minder inkomen hebt tijdens je pensioen dan tijdens je werkzame periode, is het percentage aan inkomstenbelasting in box 1 vaak lager dan tijdens je werkzame periode (je zit in een lagere belastingschijf).

Pensioenoverzicht

Op www.mijnpensioenoverzicht.nl kun je inloggen met jouw DigiD en bekijken hoeveel AOW en pensioen je al hebt opgebouwd en hoeveel je ongeveer kunt verwachten als je zo doorgaat.

Voorwaarden

Aan de fiscale faciliteiten voor pensioenopbouw (de voorziening dat je geen belasting betaalt over de pensioenpremies en het pensioenpotje) zijn bepaalde voorwaarden verbonden. Je kunt bijvoorbeeld niet onbeperkt opbouwen zonder belasting te betalen. Zo kun je maximaal tot een inkomen van €107.593 fiscaal voordelig pensioen opbouwen (bedrag voor het jaar 2019).

Ruimte over voor extra pensioenopbouw mét belastingvoordeel?

Afhankelijk van hoe ‘goed’ jouw bedrijfspensioenregeling is, kun je nog ruimte overhebben om extra pensioen op te bouwen (deze ruimte wordt de jaarruimte genoemd). Het is dus goed om na te gaan of jij die ruimte nog hebt, dan kun je die ruimte gebruiken om je pensioen aan te vullen (met belastingvoordeel). Hieronder zal ik voorbeelden noemen van de opties.

Op de website van de belastingdienst kun je uitrekenen of je nog ruimte hebt voor het opbouwen van extra pensioen.

Hieronder (onder 4) lees je welke opties je hebt!

ZZP’ers

Als ZZP’er bouw je geen bedrijfspensioen op (hierop bestaan een aantal uitzonderingen bijvoorbeeld voor artsen). Dat betekent dat als je verder geen actie onderneemt, je alleen recht hebt op een AOW-uitkering. Hieronder ga ik in op de mogelijkheden die jij als ondernemer hebt.

De opties voor (extra) pensioenopbouw

De volgende opties bestaan om (extra) pensioen op te bouwen:
1.      Werknemers én ondernemers: Zelf sparen/beleggen zonder fiscaal voordeel
2.      Werknemers én ondernemers: Banksparen/beleggen met fiscaal voordeel
3.      Werknemers én ondernemers: Lijfrenteverzekering
4.      ZZP’ers: speciaal zelfstandigenpensioenfonds
5.      Ondernemers: oudedagsreserve

1. Zelf sparen/beleggen (zonder fiscaal voordeel)

Zelf sparen of beleggen zonder fiscaal voordeel heeft als voordeel dat het flexibeler is dan sparen of beleggen zonder fiscaal voordeel, omdat het geld (normaal gesproken) bereikbaar blijft. Je kunt het geld opnemen wanneer je maar wil.

Hoe te starten met beleggen? Mijn blog over indexbeleggen is een goede start. In mijn kennisbank vind je al mijn blogs over beleggen.

De nadelen zijn de risico’s en belastingen. Je kunt het geld verliezen door verkeerde beleggingen, je kunt het geld ongepland toch besteden aan andere dingen of je kunt failliet gaat. Daarnaast betaal je eerst inkomstenbelasting in box 1 betaalt over je inkomen en vervolgens inkomstenbelasting in box 3 over je spaargeld of beleggingen.

Lees meer over het boxenstelsel en de bijbehorende inkomstenbelastingtarieven in deze blog.

2. Banksparen of beleggen met fiscaal voordeel

Een optie mét belastingvoordeel is banksparen (ook wel bekend als pensioensparen). Je spaart op een geblokkeerde bankspaarrekening en kunt het geld alleen gebruiken voor je pensioen. Eventueel kun je er ook voor kiezen om dit geld (gedeeltelijk) te (laten) beleggen.

Je betaalt geen box 3-belasting over het vermogen op deze spaarrekening. Voor box 1 geldt dat de inleg aftrekbaar is (voor zover je daar ruimte voor hebt; bereken deze ruimte op de website van de belastingdienst). Als ondernemer is de inleg aftrekbaar van de winst. Je winst wordt lager en daardoor ook de te betalen inkomstenbelasting. Je betaalt pas belasting op het moment dat je het tegoed laat uitbetalen (dit gaat in maandelijkse of jaarlijkse perioden).

Voorwaarden

Er gelden een aantal voorwaarden voor (fiscaal vriendelijk) banksparen:

  • Het uitbetalen van het banktegoed moet ingaan op het moment dat je de pensioenleeftijd bereikt tot uiterlijk 5 jaar later (je kunt dus niet langer wachten).
  • In principe moet je het tegoed over minimaal 20 jaar (in termijnen) laten uitbetalen. Veel banken hanteren een standaardtermijn van 20 jaar. Je mag het tegoed niet in één keer laten uitbetalen, maar het moet periodiek in gelijke termijnen. Als je al vóór de pensioenleeftijd wil starten met het uitbetalen, moet je het verspreiden over de jaren voor de pensioenleeftijd + 20 jaar.
  • Alleen als de uitkering lager is dan ongeveer €21.000 per jaar (in 2018) mag je de uitkeringen verdelen over minimaal 5 jaar (dus korter dan 20 jaar).

Je kunt zelf  fiscaal gefaciliteerd beleggen op een pensioenbeleggingsrekening (bijvoorbeeld bij DeGiro, Brand New Day of Binck bank). Zelf gebruik ik DeGiro voor mijn beleggingen. 

Hoe te starten met beleggen? Mijn blog over indexbeleggen is een goede start. In mijn kennisbank vind je al mijn blogs over beleggen.

De bovenstaande links van DeGiro en Binck bank zijn affiliate links. Als jij via deze links een informatiepakket aanvraagt of account opent, krijg ik daarvoor een klein bedrag (daarmee help je mij enorm!). 

Lees hieronder meer over banksparen en het verschil met een lijfrenteverzekering.

3. Lijfrenteverzekering (verschillen met banksparen)

Een lijfrenteverzekering lijkt erg op banksparen. Er zijn een aantal belangrijke verschillen:

  • Bij banksparen behaal je rendement door de rente die de bank vergoedt. Eventueel kun je ook je geld (laten) beleggen. Bij een lijfrenteverzekering wordt er altijd belegd en je rendement is afhankelijk van het ‘succes’ van de verzekeringsmaatschappij. De verzekeringsmaatschappij rekent net als de bank kosten, maar vaak zijn deze kosten bij de bank iets transparanter dan bij verzekeringsmaatschappijen.
  • Bij banksparen kies je vooraf in hoeveel jaar het tegoed wordt uitbetaald. Als je ouder wordt dan de afgesproken termijn, stoppen de uitbetalingen toch (dit wordt het langlevenrisico genoemd). Bij een lijfrenteverzekering ontvang je uitkeringen tot je overlijdt.
  • Het bovenstaande punt heeft ook tot gevolg dat, indien je overlijdt, bij banksparen je nabestaanden het resterende bedrag ontvangen. In principe ontvangen je nabestaanden bij een lijfrenteverzekering niets als je komt te overlijden. Het resterende geld komt te goede van de verzekeringsmaatschappij. Eventueel kun je wel een overlijdensrisicoverzekering afsluiten tot een bepaald bedrag.
  • Bij banksparen kun je ervoor kiezen om al vóór je pensioenleeftijd uitkeringen te ontvangen, dan wordt alleen de looptijd langer dan 20 jaar. Bij een lijfrenteverzekering is dit onmogelijk (tenzij je het bedrag voor 2006 hebt opgebouwd).

4. Ondernemers: ZZP pensioenfonds

Er bestaat een pensioenregeling speciaal voor ZZP’ers, namelijk ZZP pensioen. Je bepaalt zelf hoeveel geld je stort en wanneer. In het geval van arbeidsongeschiktheid kun je eerder geld laten uitkeren. Wat belangrijk is om te weten, is dat er niet levenslang wordt uitgekeerd. De uitkering bij arbeidsongeschiktheid kan handig zijn, maar je verbruikt dan wel het geld wat je eigenlijk had gespaard voor je pensioen. Het biedt vooral bij tijdelijke arbeidsongeschiktheid een oplossing.

Verschil met banksparen en lijfrenteverzekering

Het verschil tussen het ZZP pensioen en banksparen en een lijfrenteverzekering:

  • Net zoals bij banksparen zijn de uitkeringen tijdelijk. Alleen de lijfrenteverzekering biedt levenslange uitkeringen.
  • De kosten bij het ZZP pensioen zijn in principe iets lager dan bij banksparen en lijfrenteverzekeringen. Vergelijk de kosten per product goed. Bij banksparen zijn de kosten doorgaans iets transparanter dan bij lijfrenteverzekeringen.
  • Inleg is bij alle 3 de producten flexibel.
  • Bij het ZZP pensioen kun je eventueel uitkeringen krijgen bij arbeidsongeschiktheid. Hierbij verbruik je wel je pensioengeld. Banksparen en lijfrenteverzekeringen kennen deze optie niet.
  • Bij banksparen en lijfrenteverzekeringen heb je meer keuze in de fondsen waarin je wil beleggen. Bij het ZZP pensioen heb je geen keuze.

5. Ondernemers: Fiscale oudedagsreserve (FOR)

Als je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting en je geen geld wil onttrekken aan je bedrijf, kun je een deel (11%) van je winst reserveren voor je pensioen.

Je zet niet (perse) werkelijk geld opzij, maar je mag voor de berekening van de inkomstenbelasting een bepaald bedrag aftrekken van je winst. Dit geld creëert dan een reservering (een potje) op je balans.

Dit klinkt super aantrekkelijk (en dat kan het ook zijn), maar je moet er wel rekening mee houden dan je op een later tijdstip nog inkomstenbelasting verschuldigd bent over deze reservering. Dit bedrag kan makkelijk oplopen tot tienduizenden euro’s. Het is simpelweg uitstel van belastingheffing. Om de FOR te mogen vormen, moet je voldoen aan het urencriterium.

Het nadeel van de FOR is dat je nog steeds niet écht geld opzij hebt gezet om van te leven tijdens je pensioen.

Laatste tip

Laat je alsjeblieft altijd goed adviseren door een professional om te voorkomen dat je een woekerpolis aankoopt. Dit is vooral bij lijfrenteverzekeringen van groot belang!

Samenvatting

Als werknemer bouw je eigenlijk standaard AOW-rechten én een bedrijfspensioen op. Het kan verstandig zijn dit zelf nog aan te vullen door middel van zelf sparen of beleggen, banksparen of een lijfrenteverzekering.

Als ondernemer bouw je standaard alleen AOW-rechten op. Het is verstandig dit aan te vullen door middel van zelf sparen of beleggen, banksparen, een lijfrenteverzekering, het ZZP pensioenfonds of de fiscale oudedagsreserve.

Disclaimer: FinancElle is op geen enkele wijze aansprakelijk voor de (tegenvallende) resultaten behaald met enige vorm van investeren, waaronder alle pensioenvoorzieningen. 

Laat hier je reactie achter!

Close Menu